Problemen oplossen doe je zo
Hét stappenplan om problemen aan te pakken.
Het klimaat verandert en we merken de gevolgen daarvan. Misschien maak je je daarover zorgen. Bijvoorbeeld over wat klimaatverandering betekent voor de natuur, andere mensen of de toekomst. Gelukkig zijn er veel manieren om hiermee om te gaan.
In het kort
Heb je over dit onderwerp een vraag? Neem dan contact met ons op.
Volgens het IPCC wordt de invloed van klimaatverandering steeds duidelijker. De gevolgen zien we volgens het KNMI ook terug in Nederland. Denk bijvoorbeeld aan extreme neerslag, hittegolven, droogte en bosbranden, de stijging van de zeespiegel en het uitsterven van dier- en plantensoorten. De gevolgen kun je over de hele wereld merken.
Deze veranderingen kunnen iets met je doen. Je kunt je bijvoorbeeld zorgen maken over wat klimaatverandering betekent voor de natuur, andere mensen of de toekomst. Dit noemen we klimaatzorgen.
Zorgen maken over het klimaat is ook positief
Zorgen maken over het klimaat heeft een positieve kant: we zien in dat er iets moet veranderen. Dat mensen actie ondernemen, blijkt ook uit onderzoek van I&O Research. Zo maken veel Nederlanders vaker duurzame keuzes. Denk aan minder vlees eten, korter douchen, minder vliegen of de verwarming een graadje lager zetten.
Maar er is ook een andere kant: klimaatangst, klimaatstress of klimaatdepressie
We merken steeds meer van klimaatverandering en weten welke gevolgen dit heeft. Dit heeft invloed op de mentale gezondheid. Zo blijkt uit onderzoek van de WHO dat dit kan leiden tot stress, spanning, angst, hulpeloosheid, depressie en middelengebruik.
Er ontstaan zelfs nieuwe begrippen, zoals klimaatangst, klimaatstress en klimaatdepressie. Hierbij gaat het vooral om mentale en lichamelijke reacties die ontstaan als je denkt aan het klimaat en de toekomst. Of om negatieve emoties die je daarbij voelt.
Iedereen reageert anders op klimaatverandering. Misschien denk je er af en toe over na, zonder dat het invloed op je dagelijkse leven heeft. Maar je kunt er ook veel last van hebben.
Je kunt bijvoorbeeld merken dat je:
Klimaatzorgen, klimaatangst, klimaatstress en een klimaatdepressie: hoe je het ook noemt, de gevoelens die hierbij horen zijn niet fijn en kunnen je veerkracht verminderen. Gelukkig zijn er een manieren om hiermee om te gaan. Hieronder geven we je tips.
Er zijn veel manieren om te helpen aan een beter klimaat. Je kunt in kleine stapjes beginnen en kijken wat het beste voor jou werkt. Op deze manier wordt het makkelijker om dit toe te passen in je dagelijks leven. Voorbeelden hiervan zijn minder vlees eten, minder spullen kopen, en vaker de bus of trein te pakken in plaats van de auto of het vliegtuig.
Meer tips lees je op de website van Milieu Centraal.
Ook kun je maatregelen nemen rond je eigen huis. Denk bijvoorbeeld aan het vasthouden en opvangen van regenwater, een groen dak aanleggen, voor meer groen te zorgen in je eigen tuin of straat en door warmte buiten te houden bij hittegolven. De website Kennisportaal Klimaatadaptatie helpt je hierbij.
Voor sommige maatregelen kun je subsidie krijgen. Dit kan via de gemeente, het waterschap of je verzekering. Bekijk met de Groenesubsidiewijzer welke subsidies er zijn voor jouw situatie.
Ook kun je je aanmelden bij verschillende klimaat- en milieuorganisaties om natuurschade te herstellen. Denk bijvoorbeeld aan Greenpeace, Milieudefensie en organisaties bij jou in de buurt.
Misschien denk je: als ik iets voor het klimaat doe, dan maakt het toch geen verschil?
Toch helpen kleine veranderingen al aan het tegengaan van klimaatverandering. Om je een idee te geven: als je van zes keer per week vlees eten naar één keer per week vlees eten gaat, dan bespaar je in broeikasgasuitstoot zo’n 330 kilo CO2 per jaar. Dit blijkt uit cijfers van Milieu Centraal.
Sterker nog, je maakt waarschijnlijk nog meer verschil dan je zelf denkt. Want naast het feit dat je zelf meehelpt aan een beter klimaat, geef je ook een goed voorbeeld aan anderen in jouw omgeving. De kans is dan groter dat zij het gedrag overnemen. Bedrijven en organisaties zullen hier vervolgens op reageren door hun producten en diensten aan te passen. Op deze manier komt een beweging in gang waarbij iedereen rekening houdt met het klimaat.
Uit onderzoek van het NJi blijkt dat hoop ervoor zorgt dat je ook echt in actie komt. Dit komt doordat je weet dat jouw actie echt een positief effect heeft op het klimaat.
Lees of luister naar positieve berichten die gaan over het klimaat. Een voorbeeld hiervan is de postcast Hopecast van Jane Goodall. Of volg organisaties die al veel mooie dingen hebben gedaan voor het klimaat, zoals Greenpeace, het WWF en het Jane Goodall instituut Nederland.
Onderzoek van de Universiteit van Utrecht laat zien dat klimaatstress minder wordt als we nadenken over de wereld waarin we zouden willen leven. Ook helpt het om daar op een creatieve manier naar te kijken.
Zo wordt nog duidelijker wat klimaatverandering is, en hoe onze keuzes en acties helpen bij het oplossen. Dit geeft een positief gevoel, zoals hoop.
Vraag jezelf dus het volgende af: “In welke wereld zou ik willen leven?” en “Hoe kan ik daarin meehelpen?” Deze vragen horen bij zingeving.
Deel je klimaatzorgen met je familie, vrienden en collega’s en uit je emoties of gedachten. Of sluit je aan bij een groep waar je het samen kan hebben over klimaatverandering. Een voorbeeld hiervan is Stichting Klimaatgesprekken. Je kunt ook contact opnemen met de Info- en advieslijn.
Pieker je veel over klimaatverandering? Doe dan de oefening Stoppen met tobben om minder te piekeren. Ook helpt het je om te bedenken waar je geen invloed op hebt. Probeer dit los te laten en je te richten op wat je wel in de hand hebt.
Zorg goed voor jezelf om je stress, zorgen en angst te verminderen. Dit kan op verschillende manieren. Denk bijvoorbeeld aan voldoende nachtrust, beweging en gezond eten.
Ook helpt het om vaker ontspanningsmomenten in te plannen. Ontspannen kan thuis, maar ook in de natuur met een wandeling. Het is bewezen dat de natuur je helpt ontspannen, je stemming verbetert en helpt om beter te slapen.
Vind je het lastig om ontspanningsmomenten in te plannen, omdat je erg druk bent met andere dingen? Dit heeft te maken met een goede balans. Ook hier helpen we je bij met handige tips.
Klimaatzorgen, klimaatangst en klimaatstress zijn geen psychische aandoeningen. Maar soms kan hulp wel nodig zijn. Bijvoorbeeld als je klachten langer duren of erger worden. Of als het veel invloed heeft op je dagelijkse leven.
Zoek bijvoorbeeld hulp als je:
Praat hierover met je huisarts of een andere zorgverlener. Samen kun je kijken welke hulp bij jou past.
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Mails beantwoorden we binnen 5 werkdagen: info@mentaalvitaal.nl
Veel dingen zijn duurder geworden, zoals boodschappen en energie. Misschien heb je daardoor geldstress. Je maakt je zorgen over of je alles nog wel kunt blijven betalen. Hier lees je hoe je met geldzorgen om kunt gaan en waar je hulp kunt krijgen.
Heb je over dit onderwerp een vraag? Neem dan contact met ons op.
Als je geldzorgen hebt, ben je bang dat je niet genoeg geld hebt om de kosten te betalen. Geldzorgen kunnen over verschillende dingen gaan. Misschien heb je moeite om rond te komen. Of ben je bang dat je een rekening niet kunt betalen. Je kunt je ook zorgen maken over schulden.
Geldzorgen kunnen invloed hebben op hoe je je voelt en wat je doet. Je kunt het bijvoorbeeld merken aan de volgende signalen:
Geldzorgen kunnen klein beginnen en later groter worden. Herken je een of meer van deze signalen? Dan is het goed om op tijd iets met je geldzorgen te doen. De volgende tips kunnen je helpen.
Hieronder geven we je 4 handige tips om je geldzorgen te verminderen.
Iedereen maakt zich weleens zorgen. Zorgen laten zien wat je belangrijk vindt. Ze kunnen je ook motiveren om in actie te komen. Maar geldzorgen kunnen een probleem worden als je er veel over piekert of er veel stress door hebt.
Wil je weten hoeveel last je van je geldzorgen hebt? Stel jezelf dan deze vragen:
Beantwoord je één of beide vragen met ‘ja’? Bekijk dan welke hulp er is bij geldzorgen. Of kijk onderaan de pagina welke organisaties jou kunnen helpen.
De tips hieronder kunnen ook helpen. Ook als je je alleen zorgen maakt over geld en er geen geldproblemen zijn.
Het is soms niet makkelijk om over je geldzorgen te praten. Misschien schaam je je ervoor. Of wil je een ander er niet mee lastigvallen. Toch kan praten juist helpen. Het lucht op en helpt je om anders tegen je zorgen aan te kijken. Soms kom je zelfs tot oplossingen.
Probeer er met iemand over te praten die je vertrouwt. Je hoeft niet meteen alles te vertellen. Begin met wat voor jou goed voelt. Bekijk tips om er makkelijker over te praten.
Kom je er niet uit of wil je het er liever met een van onze deskundige medewerkers over hebben? Neem dan contact met ons op.
Geldzorgen kunnen ervoor zorgen dat je veel piekert. Je kunt er ook stress of angst van krijgen. Soms slaap je er slechter door. Op de website vind je tips en oefeningen om minder te piekeren, tegen stress, als je angst ervaart en wat je kunt doen bij slaapproblemen.
Het helpt om precies te weten hoeveel geld je elke maand krijgt en hoeveel je uitgeeft. Zo krijg je meer overzicht. Ook kun je beter zien waar je misschien kunt besparen en voorkom je dat je geldzorgen groter worden.
Dit kan helpen:
Soms worden geldzorgen groter en ontstaan er geldproblemen. Bijvoorbeeld als je rekeningen niet meer kunt betalen of schulden krijgt. Naast de signalen van geldzorgen kun je geldproblemen hieraan herkennen:
Zoek hulp als je de signalen hierboven herkent. Er zijn organisaties die je kunnen helpen.
Je kunt bijvoorbeeld hier terecht:
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Mails beantwoorden we binnen 5 werkdagen: info@mentaalvitaal.nl
Misschien maak je je zorgen over wat er in de wereld gebeurt. Bijvoorbeeld over oorlogen, stijgende prijzen, klimaatverandering of andere grote veranderingen. Hier lees je hoe je met deze zorgen om kunt gaan.
Als je merkt dat je veel last krijgt van de onrust in de wereld, helpen deze tips je verder:
Merk je dat de onrust blijft of dat je er in het dagelijks leven veel last van hebt? Maak dan een afspraak bij je huisarts. Of neem contact met ons op. We luisteren naar je en denken met je mee.
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Mails beantwoorden we binnen 5 werkdagen: info@mentaalvitaal.nl
De was doen als je huiswerk om aandacht schreeuwt, stofzuigen als je nodig je administratie moet doen of je mailbox opschonen als je eigenlijk een moeilijk gesprek met iemand moet voeren. Het zijn typische gevallen van uitstelgedrag. Uitstelgedrag klinkt redelijk onschuldig, maar dat is het niet altijd.
Heb je over dit onderwerp een vraag? Neem dan contact met ons op.
Uitstelgedrag betekent dat je iets wat je wilt of moet doen steeds voor je uitschuift. Je gaat bijvoorbeeld eerst iets anders doen, terwijl je weet dat die taak nog op je wacht.
Iedereen stelt weleens iets uit. Soms is het goed om iets uit te stellen. Bijvoorbeeld omdat iets anders belangrijker is. Of omdat je er eerst over na wilt denken. Uitstelgedrag wordt vooral een probleem als je vaak belangrijke dingen blijft uitstellen en je daar last van krijgt.
Als je moeilijke klusjes altijd maar uitstelt, kun je lichamelijke en psychische klachten krijgen. Je ervaart stress, kunt zelfs depressief worden of een burn-out krijgen. Er zit simpelweg steeds teveel in je hoofd dat je eigenlijk nog moet doen. En het groeit. Een klusje wordt een probleem. Je vermijdt het probleem, waardoor ook dat weer groter wordt. Er komt een probleem bij. En ook dat stop je weer weg: dat noemen we een vicieuze cirkel. Terwijl je problemen juist kleiner worden, of zelfs verdwijnen, als je ze onder ogen ziet en actief aanpakt.
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Mails beantwoorden we binnen 5 werkdagen: info@mentaalvitaal.nl
Een zenuwachtig kuchje voordat je begint aan je spreekbeurt of presentatie, even blozen als je een volle klas in stapt… Soms een beetje verlegen zijn, is helemaal niet erg. Het is vaak zelfs wel charmant. Maar het wordt een ander verhaal als je je constant bekeken voelt. En je daardoor situaties met andere mensen gaat vermijden. Gelukkig is er wel wat aan te doen.
Heb je over dit onderwerp een vraag? Neem dan contact met ons op.
Verlegenheid is voor een deel erfelijk: als veel mensen in jouw familie verlegen zijn, heb jij een grotere kans om dit ook te zijn. Ook onzekerheid, een laag zelfbeeld, of vervelende ervaringen in de puberteit, zoals pesten, vergroten je kans op verlegenheid. Maar de oorzaken zijn nog geen reden om bij de pakken neer te zitten. Tijd voor actie!
Steun van andere verlegen mensen kan je verder helpen. Kijk bijvoorbeeld op verlegenmensen.nl voor cursussen en lotgenotencontact. Dat contact kan in levenden lijve, maar ook via het forum.
Of neem contact op met je huisarts. Je bent echt de enige niet met angstklachten. Als het nodig is, verwijst de arts je door naar een psycholoog of andere hulpverlener.
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Mails beantwoorden we binnen 5 werkdagen: info@mentaalvitaal.nl
Verdriet is vaak het gevolg als je iets of iemand verliest. Rouw is een hele heftige vorm van verdriet, maar ook ontslag, scheiding of een ruzie kunnen veel verdriet geven. Wat helpt bij de verwerking?
Ben je al een tijd verdrietig? Of vaak verdrietig zonder duidelijke reden? Dan is het goed om te kijken wat er aan de hand is. Soms kan dit passen bij een depressie.
Doe de depressietest om te ontdekken of er depressieklachten spelen. Heb je na 6 maanden nog veel last van verdriet? En heb je moeite met dagelijkse dingen? Maak dan een afspraak bij je huisarts.
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Mails beantwoorden we binnen 5 werkdagen: info@mentaalvitaal.nl
De meeste mensen voelen zich een tijdje angstig als ze een traumatische gebeurtenis hebben meegemaakt. Bij iemand die een trauma ontwikkelt gaan deze gevoelens niet vanzelf weg. Hoe herken je een trauma? En wat kun je doen om een trauma te verwerken? Dat lees je hier.
Heb je over dit onderwerp een vraag? Neem dan contact met ons op.
Je hebt een trauma als je veel last hebt van iets heftigs dat je eerder hebt meegemaakt. Je hebt je toen heel erg bang, bedreigd, overweldigd of machteloos gevoeld. Bij een trauma gaan deze gevoelens niet meer weg, of ze komen later in het leven ineens weer terug. Je denkt er dan steeds aan, krijgt nachtmerries of voelt je steeds bang, ook als er geen gevaar meer is.
Een trauma kan door één of meerdere heftige gebeurtenissen ontstaan.
Voorbeelden van één heftige gebeurtenis kunnen zijn:
Als een trauma ontstaat door één gebeurtenis noemen we dat een ‘enkelvoudig trauma’. Hieronder een voorbeeld van een enkelvoudig trauma.
Het kan ook zijn dat je langere tijd heftige dingen hebt meegemaakt:
Als je meerdere heftige gebeurtenissen voor langere tijd hebt meegemaakt noemen we dat een ‘complex trauma’. De kans op een complex trauma is groter als de heftige gebeurtenissen in de kindertijd waren. En als er mensen mee te maken hebben die je juist hadden moeten beschermen, zoals je ouders. Een complex trauma kan ervoor zorgen dat een kind zich niet goed ontwikkelt. En daar kan diegene later last van hebben. Je vindt jezelf bijvoorbeeld dom of onbelangrijk, je kunt andere moeilijk vertrouwen of je vindt het moeilijk om te werken.
Hieronder een voorbeeld van een complex trauma:
Na de traumatische gebeurtenis kun je last hebben van de volgende klachten:
Meestal gaan deze klachten na een tijdje weer weg. Maar als de klachten langer duren dan een maand, kun je Posttraumatische Stressstoornis (PTSS) hebben.
Belangrijk: Het kan zijn dat je jezelf of iemand die je kent herkent in deze kenmerken. Dat betekent niet meteen dat er sprake is van psychische klachten. Sommige kenmerken kunnen ook passen bij iemands karakter, gewoontes of omstandigheden.
De medewerkers van Mentaal Vitaal helpen je om beter te begrijpen wat je bij jezelf of een ander merkt. We luisteren naar je en denken met je mee over wat je kunt doen. Bijvoorbeeld als je je zorgen maakt of wilt voorkomen dat klachten erger worden.
Een trauma kan ontstaan door één of meerdere heftige gebeurtenissen. Maar niet alleen de gebeurtenis(sen) bepalen of er een trauma ontstaat. Twee mensen kunnen hetzelfde meemaken en de één krijgt een trauma en de ander niet. Of je een trauma krijgt, hangt óók af van dingen die niks met de gebeurtenis te maken hebben. Je verleden, karakter, en omgeving kan bepalend zijn. En wat er ná de gebeurtenis gebeurde.
Deze tips kunnen helpen bij het verwerken van een trauma. Ook kan het helpen om een Posttraumatische Stressstoornis (PTSS) te voorkomen.
Hoe ziet sociale steun eruit? We leggen dit uit met een voorbeeld.
Als je langer dan een maand bovenstaande klachten hebt, kun je een Posttraumatische Stressstoornis (PTSS) hebben. Ook zijn de klachten heel heftig en gaan ze niet vanzelf weg. Als je PTSS hebt, voel je je de hele tijd bang. Het lijkt of je lijf en je brein de hele tijd denken dat er gevaar is, terwijl dat er niet is.
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Mails beantwoorden we binnen 5 werkdagen: info@mentaalvitaal.nl
Iedereen heeft weleens zorgen. Dat hoort bij het leven. Soms gaan zorgen over in piekeren. Dan blijf je in dezelfde gedachten hangen en kom je niet verder. Je leest hier wat je kunt doen om minder te piekeren.
Heb je over dit onderwerp een vraag? Neem dan contact met ons op.
Iedereen maakt zich weleens zorgen. Over school, werk, relaties of geld bijvoorbeeld. Deze zorgen kunnen nuttig zijn: ze laten zien dat iets belangrijk voor je is en kunnen je helpen om in actie te komen. Maar komen deze gedachten de hele tijd terug en kom je niet tot een oplossing? Dan spreken we van piekeren.
Piekeren lijkt op nadenken, maar bij piekeren blijf je vaak in dezelfde gedachten hangen. Vaak gaat het over iets waar je je zorgen over maakt of onzeker over bent. Je blijft malen en hoopt zo een oplossing of nieuw inzicht te vinden. Maar meestal kom je daardoor niet verder.
Je kunt over allerlei onderwerpen piekeren. Soms gaat het om iets in je eigen leven. Bijvoorbeeld als je je zorgen maakt over school of werk, een dierbare, je gezondheid of je toekomst. Soms om grotere veranderingen of ontwikkelingen in de rest van de wereld, zoals klimaatverandering of oorlog.
Misschien vraag je je af of je de boodschappen, energierekening of andere vaste lasten nog kunt betalen. Merk je dat je zorgen over geld steeds vaker overgaan in piekeren? Lees dan wat je kunt doen bij geldzorgen.
Ook het klimaat kan je bezighouden. Misschien denk je veel na over klimaatverandering en maak je je zorgen over de toekomst. Je kunt je daarbij onzeker of machteloos voelen. Lees meer over klimaatzorgen en hoe je daarmee kunt omgaan.
Je kunt je ook zorgen maken over wat er in de wereld gebeurt. Denk aan oorlogen, rampen, politieke spanningen of ander negatief nieuws. Misschien merk je dat je er vaak aan denkt. Of dat je je zorgen maakt over wat er nog kan gebeuren. Lees wat je kunt doen als je last hebt van onrust in de wereld.
Piekeren komt veel voor bij mensen met eendepressie. Heb jij mogelijk last van een depressie? Doe dan de depressietest.
Door maar te blijven piekeren kun je een angststoornis ontwikkelen. Neem daarom contact op met je huisarts als het piekeren met deze tips nog niet stopt. Met de juiste hulp kom je ervan af.
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Mails beantwoorden we binnen 5 werkdagen: info@mentaalvitaal.nl
Na de geboorte van je baby kun je veel verschillende gevoelens hebben. Je kunt blij zijn, maar ook somber, onzeker of overweldigd. Soms voel je deze gevoelens tegelijk of wisselen ze elkaar af. Bij sommige mensen blijven sombere gevoelens langer of worden ze sterker. Dan kan er sprake zijn van een postpartum depressie.
Heb je over dit onderwerp een vraag? Neem dan contact met ons op.
Een postpartum depressie is een depressie na de geboorte van de baby. Je hebt een baby gekregen, maar je voelt je niet blij zoals je had verwacht. Je voelt je bijvoorbeeld somber, moe, onzeker of verdrietig.
Een postpartum depressie is iets anders dan kraamtranen, huildagen of babyblues. Veel vrouwen hebben daar in de eerste dagen na de bevalling last van. Je bent misschien wel bezorgd over of je het allemaal wel goed hebt gedaan. Je hormonen spelen ook een rol: het ‘ontzwangeren’ kan wel 9 maanden of langer duren. Ook kun je moe zijn. Vaak komt dit door slaaptekort. Babyblues begint meestal in de eerste week en gaat na een paar dagen weg.
Bij een postpartum depressie houden depressieve klachten langer aan. Daardoor kan het moeilijker zijn om goed voor jezelf en je baby te zorgen. Ook gewone dagelijkse dingen kunnen meer moeite kosten.
Het verschilt hoelang een postpartum depressie duurt. Het hangt ervan af of klachten op tijd herkend worden. Ook maakt het uit of je steun van je omgeving krijgt. En het is belangrijk dat je op tijd hulp zoekt voor een behandeling. Als je geen behandeling krijgt, duurt de depressie zo’n vier tot zes maanden. Soms langer. Behandeling (psychologische hulp) zorgt ervoor dat je sneller herstelt.
De symptomen van een postpartum depressie zijn meestal dezelfde klachten als bij een depressie. Het verschil is dat een postpartum depressie te maken heeft met de zwangerschap of de bevalling.
Veelvoorkomende klachten van een postpartum depressie zijn:
Op Thuisarts.nl lees je meer over de klachten bij een postpartum depressie
Bij een postpartum depressie wordt minder snel aan de partners gedacht. Maar ook de partner kan tijdens de zwangerschap of na de bevalling een depressie ontwikkelen.
Bij mannen ziet een depressie er meestal anders uit dan bij vrouwen. Veel mannen zeggen minder snel dat ze somber of verdrietig zijn. Ze uiten zich vaker gefrustreerd, boos of prikkelbaar. Ook zijn mannen over het algemeen eerder geneigd zich in het werk te storten, meer alcohol te drinken of snel geprikkeld te raken.
Vaak spelen biologische, sociale en psychische factoren een rol bij het ontstaan van een postpartum depressie.
Onderstaande tips kunnen helpen bij het herstel van een postpartum depressie. Sommige kunnen ook helpen om een (nieuwe) postpartum depressie te voorkomen.
Neem contact op met je huisarts, verloskundige of kraamhulp als je denkt dat je een postpartum depressie hebt. Het maakt niet uit welke klachten je hebt. Hoe eerder je hulp zoekt, hoe eerder je van een postpartum depressie kunt herstellen.
Als je de volgende klachten hebt, is het extra belangrijk om hulp te zoeken:
Een postpartum depressie is goed te behandelen.
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Mails beantwoorden we binnen 5 werkdagen: info@mentaalvitaal.nl
Iedereen heeft een eigen persoonlijkheid. Je persoonlijkheid zegt iets over wie je bent en hoe je je gedraagt. Bij een persoonlijkheids-stoornis zijn sommige eigenschappen heel sterk aanwezig. Deze hebben invloed op je dagelijkse leven.
Heb je over dit onderwerp een vraag? Neem dan contact met ons op.
De manier waarop je denkt, voelt en doet, noemen we je persoonlijkheid. Bij een persoonlijkheidsstoornis zijn sommige eigenschappen heel sterk aanwezig. Daardoor kun je problemen krijgen in je dagelijks leven.
Je kunt bijvoorbeeld moeite hebben met vertrouwen, snel boos worden, heel onzeker zijn of juist veel behoefte hebben aan controle. Dit heeft invloed op je dagelijkse leven, zoals thuis, op school, op je werk of in relaties.
Bij een persoonlijkheidsstoornis komen bepaalde patronen steeds terug. Je reageert bijvoorbeeld vaak op dezelfde manier, ook als die manier je problemen geeft. Deze patronen zijn vaak voor een lange tijd sterk aanwezig. Er zijn verschillende persoonlijkheidsstoornissen, die allemaal hun eigen patroon kennen.
Je kunt aan een aantal dingen merken dat het om een persoonlijkheidsstoornis kan gaan:
Vaak kijkt de huisarts of er sprake kan zijn van een persoonlijkheidsstoornis. Voor verder onderzoek kan de huisarts je doorverwijzen naar een psycholoog of psychiater.
Er zijn tien verschillende persoonlijkheidsstoornissen. Deze zijn op basis van de kenmerken verdeeld in drie groepen (clusters).
Je zoekt weinig contact met anderen en bent veel alleen. Bijvoorbeeld omdat je andere mensen niet vertrouwt. Op anderen kun je chaotisch of verward overkomen. Soms hier of zie je dingen die er niet zijn (hallucinaties) of heb je ideeën die niet kloppen met de werkelijkheid (wanen).
Deze persoonlijkheidsstoornissen vallen hieronder:
Je vertrouwt andere mensen vaak niet. Je denkt bijvoorbeeld snel dat iemand slechte bedoelingen heeft, je wil bedriegen of je pijn wil doen. Gewone opmerkingen kun je al snel als negatief of aanvallend zien.
Je bent graag alleen en hebt weinig behoefte aan contact met andere mensen. Je hebt weinig plezier in de meeste activiteiten. Ook laat je geen gevoelens zien.
Je kunt bijzondere gedachten of overtuigingen hebben en je anders gedragen dan anderen gewend zijn. Gesprekken zijn vaak warrig of moeilijk te volgen. Je hebt weinig contact met anderen en hebt daar ook geen behoefte aan.
Je emoties zijn sterk en kunnen snel veranderen. Je kunt soms iets doen zonder eerst goed over na te denken. Ook kun je moeite hebben met relaties.
Deze persoonlijkheidsstoornissen vallen hieronder:
Als je een antisociale-persoonlijkheidsstoornis hebt, vind je het moeilijk om rekening te houden met de gevoelens en wensen van anderen. Je begrijpt niet zo goed hoe anderen zich voelen. Je voelt je bijvoorbeeld niet schuldig als je iemand pijn doet.
Ook vind je het lastig om regels en normen op te volgen. Bijvoorbeeld op school of op het werk. Of in de omgang met anderen. Je kunt liegen, bedriegen, manipuleren, agressief reageren of vaak ruzie krijgen. Soms doe je ook dingen die niet mogen volgens de wet.
Een belangrijk kenmerk van ASP is dat je weinig rekening houdt met anderen. Om de diagnose te krijgen, moet je minimaal 18 jaar zijn. Ook heb je minstens drie van de volgende symptomen:
Voordat een kind 15 is, wijst het gedrag vaak al richting ASP. Voorbeelden van typisch gedrag vanaf een jaar of 8 zijn pesten, vechten, mishandelen, stelen, inbraken plegen, spijbelen en liegen.
Bij een borderline persoonlijkheidsstoornis (BPS) hebt, kunnen je emoties snel veranderen. Het ene moment ben je blij en het volgende moment ineens verdrietig of boos. Je vindt het moeilijk om deze emoties onder controle te houden. Daardoor kun je heel heftig reageren op een kleine gebeurtenis.
Relaties met anderen zijn vaak instabiel. Je bent bang om verlaten te worden en voelt je snel afgewezen of teleurgesteld. Soms doe je dingen zonder eerst na te denken over de gevolgen. Je geeft bijvoorbeeld plotseling veel geld uit, wisselt snel van baan of gebruikt te veel alcohol of drugs. Ook heb je problemen met je identiteit. Je bijvoorbeeld een instabiel, negatief zelfbeeld en weinig zelfvertrouwen. Je vindt het moeilijk om te weten wie je bent en wat je wilt in het leven.
Een borderline persoonlijkheidsstoornis noemen we ook wel borderline, BPS of een emotieregulatiestoornis.
Als je minimaal vijf van deze symptomen bij jezelf of een ander herkent, kan er sprake zijn van borderline:
Borderline komt voor bij zowel mannen als vrouwen. Ook komt borderline voor op alle leeftijden. Toch hebben jongvolwassenen vaker last van de klachten van borderline. Als mensen ouder worden, nemen die klachten vaak af.
Een histrionische persoonlijkheidsstoornis wordt ook wel een theatrale persoonlijkheidsstoornis genoemd. Je hebt dan veel behoefte aan aandacht en bevestiging. Je laat je emoties vaak duidelijk zien. Ook kun je je makkelijk laten beïnvloeden door anderen of door wat er om je heen gebeurt.
Bij een narcistische persoonlijkheidsstoornis (NPS) voel je je erg belangrijk en bijzonder. Je vindt dat je beter bent dan anderen. Je kunt niet goed tegen kritiek en hebt steeds bewondering van anderen nodig. Als je die niet krijgt, word je boos of onzeker. Je trekt je terug uit een situatie of zoekt nog meer aandacht op. Ook ben je snel jaloers en stel je hoge eisen aan anderen. Het heeft daarom een negatieve invloed op relaties.
Veel mensen noemen het ook wel narcisme. De afkorting is NPS.
Er kan sprake zijn van een narcistische persoonlijkheidsstoornis als minstens vijf van de onderstaande kenmerken langere tijd sterk aanwezig zijn. Deze kenmerken komen voor in verschillende situaties en geven problemen in het dagelijks leven.
Je bent bijvoorbeeld om afgewezen te worden, je hebt veel bevestiging nodig of vindt het moeilijk om de controle los te laten.
Deze persoonlijkheidsstoornissen vallen hieronder:
Bij een vermijdende of ontwijkende persoonlijkheidsstoornis (OPS) wil je vaak wel contact met andere mensen, maar ben je erg bang voor afwijzing, kritiek of een negatief oordeel. Je vermijdt sociale situaties omdat je bang bent dat je iets verkeerd doet of zegt.
Bij een afhankelijke persoonlijkheidsstoornis heb je veel behoefte aan steun of hulp van anderen. Je vindt het moeilijk om zelf beslissingen te nemen. Je kunt moeite hebben om voor jezelf op te komen of ‘nee’ te zeggen, omdat je bang bent iemand kwijt te raken.
Bij een dwangmatige persoonlijkheidsstoornis vind je regels, perfectionisme en controle belangrijk. Je kunt hoge eisen stellen aan jezelf en anderen. Je wilt dingen vaak heel precies of perfect doen. Taken laat je niet aan anderen over en doe je liever zelf. Dit kan veel tijd en energie kosten en problemen geven bij werk, ontspanning of relaties.
Een dwangmatige persoonlijkheidsstoornis wordt ook wel obsessief-compulsieve persoonlijkheidsstoornis genoemd. Dit is niet hetzelfde als een dwangstoornis.
Het kan zijn dat je persoonlijkheidsproblemen hebt, maar dat de kenmerken niet volledig bij één van de tien persoonlijkheidsstoornissen passen. Of je hebt kenmerken van verschillende persoonlijkheidsstoornissen tegelijk. Dan noemen we dit een ongespecificeerde persoonlijkheidsstoornis genoemd.
De oudere naam hiervoor is persoonlijkheidsstoornis NAO: Niet Anderszins Omschreven.
Er is meestal niet één duidelijke oorzaak voor een persoonlijkheidsstoornis. Waarschijnlijk ontstaat een persoonlijkheidsstoornis door een combinatie van erfelijke aanleg en ervaringen tijdens het leven.
Je erfelijke aanleg kan bijvoorbeeld invloed hebben op hoe gevoelig je bent voor stress, emoties of afwijzing. Ook je jeugd en de omgeving waarin je opgroeit kunnen meespelen. Ervaringen die het risico kunnen vergroten zijn bijvoorbeeld:
Deze ervaringen zorgen niet altijd voor een persoonlijkheidsstoornis. Je kunt dit ook meemaken zonder later een persoonlijkheidsstoornis te krijgen. Andersom kun je ook een persoonlijkheidsstoornis hebben zonder dat je deze ervaringen hebt gehad.
Bij een persoonlijkheidsstoornis gaat het erom dat je patronen beter herkent: wat denk je, voel je en wat doe je? Vervolgens kijk je hoe je hier anders mee kunt omgaan.
Deze dingen kunnen helpen:
Iedereen heeft sterke en minder sterke kanten in zijn persoonlijkheid. Soms zijn bepaalde eigenschappen tijdelijk sterker aanwezig. Dat betekent niet meteen dat je een persoonlijkheidsstoornis hebt.
Het kan helpen om hulp te vragen als bepaalde patronen lange tijd blijven terugkomen en problemen geven in je dagelijkse leven. Bijvoorbeeld thuis, op school, op het werk of in relaties.
Als je denkt dat je een persoonlijkheidsstoornis hebt, is het handig om een afspraak te maken bij je huisarts. De huisarts kijkt dan of je een doorverwijzing nodig hebt.
Je wordt dan vervolgens doorgestuurd naar een psycholoog, praktijkondersteuner GGZ of een organisatie die hier behandeling voor geeft. Hier krijg je dan een intake. In de intake wordt een diagnose gesteld. Na de diagnose wordt samen met jou gekeken welke behandeling het beste past.
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Geopend op maandag t/m donderdag van 09:00-12:00
Mails beantwoorden we binnen 5 werkdagen: info@mentaalvitaal.nl